Op dinsdag 14 april 2026 zat ik tegenover 3 leden van de wrakingskamer van de kamer voor het notariaat ressort ’s Hertogenbosch. Ik vroeg aan voorzitter Zuidema (oud-vicepresident rechtbank Utrecht) om de zaken aan te houden omdat ik twee incomplete processen-verbaal van de Haagse wrakingskamer had ontvangen. Tijdens de zitting bleek tevens dat de door mij gewraakte senior-rechter Gert Mark Smelt (voorzitter van de wrakingskamer van de Haagse kamer voor het notariaat) incomplete dossiers had opgestuurd naar Den Bosch. Op woensdag 15 april 2026 ontving ik onderstaande brief.



