Jan Blokland (als voorzitter van het Hof van Discipline de superman onder de tuchtrechters) werd door mij op 26 januari 2026 in de rechtbank van Utrecht gewraakt. Op 30 januari 2026 liet de griffie van het Hof mij het volgende weten: “de voorzitter heeft besloten te berusten in uw verzoek tot wraking.”
Een rechter van wie wraking is verzocht, kan in zijn wraking berusten. Dan hoeft het wrakingsverzoek niet inhoudelijk te worden behandeld door een wrakingskamer. In dat geval zal de rechter worden vervangen door een andere rechter.
Blokland en het Hof van Discipline komen veel te makkelijk weg met deze uitslag van de wraking. Blokland dient af te treden en strafrechtelijk vervolgd te worden.


